• Lara

Brief aan de 2 grote zussen

Liefste Philippa en Romée,


Vandaag zijn jullie alweer drie weken grote en grootste zus. Zussen voor het leven, twee handen op één buik. Jullie hebben er een broer bij gekregen, om te vertroetelen, om mee te ravotten. Gabriel is nog te klein om naar huis te komen, en verblijft – net als mama – in het UZ Leuven.


De afgelopen maanden, sinds de diagnose, zijn zwaar geweest. De afgelopen weken waren onmenselijk.


Mama mist jullie. Mama mist jullie met elke vezel van haar lichaam. Ik wil jullie tegen me aan kunnen trekken. Ik wil jullie vertellen dat ik tegen de kanker vecht, iedere dag die we niet samen doorbrengen.


We hebben mekaar intussen al meer dan een maand niet kunnen knuffelen. Ik heb jullie al meer dan een maand niet horen vertellen hoe het was op school. Ik was er niet bij toen Romée glunderend van trots voor het eerst de kleuterklas binnenstapte. Ik weet niet wat er in de boekentas ging, ik heb geen jas dichtgeritst, ik heb geen foto aan de voordeur gemaakt.


Ik heb geen verhaaltje over de tandenfee kunnen opdissen toen Philippa de eerste tand van haar melkgebit verloor. Er was geen verrassing onder haar hoofdkussen toen ze de volgende ochtend wakker werd.


Mama blijft al wekenlang heel stilletjes, over jullie. Want het doet zoveel pijn, om te praten over het mekaar niet mogen zien. Ook al weet ik dat jullie in de allerbeste handen zijn, bij papa en bij jullie oma’s en opa’s, toch huil ik mijn ogen uit wanneer ik denk aan de afstand die ons scheidt. Coronamaatregelen, ik begrijp het wel. Maar mijn moederhart ligt in duizend stukken op de steriele ziekenhuisvloer.


Philippa, mijn snoepje, jij die me moeder maakte. Ik ben zo fier op jou. Ik wou dat ik de razende gedachten in dat knappe hoofd van je af en toe tot stilstand kon brengen. Ik wil dingen doen samen, zoals kwartetten en onze vingers vliegensvlug wegtrekken bij de krokodil die kiespijn heeft. Ik wil luisteren naar jouw ellenlange verhalen die geen begin en geen einde kennen.


Romée, mijn zonnetje. Wanneer jij straalt, straal ik ook. Ik zou zo graag verzorgd willen worden door jou met je dokterstasje en je zalvende woorden. Ik zou eens goed willen pitsen in die chubby kleuterbeentjes van je. Ik wil de twinkeling in je ogen van heel dichtbij zien, en niet met een scherm daartussen.


Mijn lieve dochters, we hebben de afgelopen weken af en toe gefacetimed. Ik zag jullie spelen, kushandjes geven, en ruziemaken om wie aan het einde van het gesprek op het rode knopje mocht duwen. Om dan verweesd achter te blijven in een eenzame ziekenhuiskamer. Stil is het dan, na onze gesprekjes. Muisstil.


Ik heb wekenlang niet willen praten over hoe erg de pijn is die mijn hart doorklieft. Ik kon niet vertellen hoeveel zeer het doet iedere keer iemand vraagt hoe het gaat met de meisjes. Want ik weet het gewoon niet. Ik ben er niet, met de vinger aan de pols.


Het ontbreken van fysiek contact, het niet knuffelen met familie, vrienden, zelfs met jullie papa – dat lukt nog net. Zelfs op dagen dat het ene slechte nieuws het andere overschaduwt. Maar de zachte knuffels van mijn meisjes, daar heb ik het meeste nood aan.


Het is een troost dat ik iedere dag mag kangoeroeën met Gabriel. Hij houdt me recht, wanneer hij op mijn borst ligt. Hij verzacht daar waar de wonde het diepst is. Maar terwijl ik daar zo lig, met zijn zachte ademhaling over mijn huid, vraag ik me af: het huid-huid contact voor Philippa en Romée, waar is die gebleven?


Terwijl de straten zich buiten vullen met lichtjes, en de warmste weken starten, blijf ik hier binnen alleen achter.


Liefste schatten, mama mist jullie. Mama houdt van jullie. Nooit eerder meende ik het harder dan vandaag: all I want for Christmas is you.


Liefs,


Mama

"Brief aan de meisjes, Column uit NINA/HLN, 26.12.20"

66,315 keer bekeken8 reacties

Recente blogposts

Alles weergeven
  • White Instagram Icon
  • White Facebook Icon
  • White Pinterest Icon

© 2017 Lara By Lara